Categorieën

zaterdag 21 april 2012

De toekomstige visie op onderwijs: op zoek naar drie evenwichten

    Pedro De Bruyckere, regent en pedagoog, verdiept zich al jaren in de leefwereld van jongeren en is een zelfverklaarde verslaafde aan populaire cultuur. Hij  in de lerarenopleiding secundair onderwijs van de Arteveldehogeschool. Op dit moment is hij in Vlaanderen en Nederland veelgevraagd om zijn visie op jongeren en de jongercultuur en de vertaling daarvan naar het onderwijs.
    In een laatste post geeft hij aan dat hij in de toekomst van het onderwijs drie grote uitdagingen kan terugvinden die hij omschrijft als 'het zoeken naar evenwichten'. Hieronder kan je zijn toelichting op de drie uitdagingen terugvinden. Onderaan een aanvulling met enkele persoonlijke bedenkingen.

1. Evenwicht tussen samen en individualisatie.
We kennen in het hoger onderwijs al een tijdje flexibilisering waarbij iedereen zijn eigen traject kan hebben. Dit is goed, alhoewel dat het nog steeds te vaak op falen gebaseerd is en te weinig op succes. Ik bedoel hiermee dat als studenten een persoonlijk leertraject krijgen het nu vaak is omdat ze voor een bepaald onderdeel niet slaagden en dat hun programma dan wordt aangepast zodat ze toch voor andere vakken kunnen vooroplopen. Maar vooroplopen omdat je ergens net echt goed in bent, komt veel minder voor.
Tegelijk merken we een noodzaak aan samen. Studenten en lectoren ervaren dat de sociale samenhang onder druk staat of zelfs verdwenen is. Het is zoeken naar een nieuw evenwicht tussen beide noodzaken.
2 Keuzevrijheid en sturing.
De aloude pedagogische paradox? Misschien, maar dan wel een hele specifieke. Een van de zaken waar ik zelf trots op ben in ons onderwijssysteem is de grote keuzevrijheid in wie wat kan studeren. Maar tegelijk groeit de mismatch. In sommigen richtingen zitten te veel studenten voor het aantal dat we van hun profielen nodig hebben, terwijl we grote tekorten hebben in andere richtingen. Het is misschien wel de moeilijkste evenwichtsoefening van de 3.
3 Beroepsgericht of breed
Gisteren nog bleek uit de tussentijdse rapport van het jongerenpact dat jongeren van onderwijs verwachten dat het voorbereid op het leven. Maar wat is dat? Moeten we jongeren zeer beroepsgericht opleiden of eerder breder. Beroepsgericht is praktisch, maar breder maakt hen flexibelere

Ik schrijf heel bewust dat we op zoek moeten gaan naar evenwichten, omdat ik overtuigd ben dat extreme standpunten gedoemd zijn te falen. We moeten bijvoorbeeld beroepsgericht als breed opleiden verzoenen.
Tot zover de post van Pedro.
Eigenlijk kan ik me best vinden in de drie evenwichten hij hij voorstelt. Toch enkele aanvullingen:
- het is inderdaad dat er een grote keuzevrijheid bestaat in 'wat' men wil studeren. Waar er echter minder (en zelfs dikwijls geen) keuzevrijheid in is betreft het 'hoe' en de 'weg' van het leren. Nog te dikwijls worden student hier in een keurslijf gedwongen en verplicht om het traject af te leggen dat anderen voor hun uitstippelen. Dit terwijl we ondertussen wel weten dat leren een persoonlijk iets is.
-of we mensen beroepsgericht of breed dienen op te leiden zal je vooral moeten laten bepalen door het soort van opleiding en de verwachting die er bestaat in het kader van de latere beroepsuitoefening en het werkveld. Afhankelijk van sectoren worden verwachtingen steeds maar diverser: Soms wordt aangegeven dat ze liever hebben dat studenten breed worden getraind, de beroepseigen competenties krijgen ze dan wel aangeleerd als ze éénmaal aan het werk zijn. In andere sectoren wordt dan weer verwacht dat mensen vandaag afstuderen en morgen als een volwaardig lid van het team kunnen functioneren en zelfs verantwoordelijkheid dragen. Ik kies hierbij voor een 'less is more' principe: zorg dat studenten de basiscompetenties/vaardigheden die ze nodig hebben om het beroep kunnen uit te oefenen door en door beheersen in plaats van te focusen op details en verdieping die continu onderhevig zijn aan verandering. Zorg er daarnaast voor dat studetenten die tools aangereikt krijgen en die vaardigheden ontwikkelen die hun in de mogelijkheid zullen stellen om, éénmaal in het werkveld, het zo specifieke van het beroep aan te leren.
-Tot slot iets over het evenwicht. Een evenwicht is een compromis, iets waar alle partijen tevreden mee zijn. Dit betekent water in de wijn doen en soms toegeven om bepaalde dingen te kunnen realisren. Ik kan me er in vinden dat dit nodig is om kunnen samen te werken. De vraag is echter: vanuit welke perspectief vertrekken we in het zoeken naar een evenwicht: het behouden of het veranderen. Dit geeft immers heel andere invalshoeken aan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten